Wat zou jij doen?

Stel je voor je zit op je favoriete plek en je denkt na over je gezondheid en die van je naasten en de mensen om je heen. Iedereen heeft wel wat, de ene migraine, de ander diabetes, hartproblemen, slaapproblemen. En voor de één zal dit redelijk zorgeloos zijn, maar voor de ander helaas niet.images-26

Je hebt al tijden last van chronische klachten. En of je het nu wilt of niet, je moet het accepteren. Volgens je arts is er geen oorzaak te vinden en behalve het bestrijden van symptomen is er niet veel aan te doen.

Op een dag drukt er iemand op de bel van een deur waar bijna nooit iemand binnenkomt. Je ziet een gedaante door het kleine raam.

‘Wie is daar?’ roep je, terwijl je rustig opstaat. De persoon antwoord niet.
Je schuift een tafeltje en een doos opzij.
‘Wie is daar?’ roep je nogmaals door de brievenbus.

‘Hallo!’ antwoordt een vriendelijke stem, ‘ik heb een bericht voor u.
Een bericht die uw situatie zou kunnen veranderen.’

Situatie veranderen? denk je.
‘Wat weet jij daar van? Wat bedoel je?’ roep je verbaasd.

‘U bent chronisch ziek, u heeft chronische klachten en er is geen oorzaak voor te vinden aldus de artsen, klopt dit?’

Vol verbazing sta je naar de persoon te kijken. Je voelt je aan de ene kant boos worden en aan de andere kant verbaasd.

‘Ehm… Ja dat klopt…’ zeg je nadat je van je eerste verbazing bent bekomen.

‘Ik kan u helpen. Er is een methode waarvan de wetenschappelijke basis eind 1800 begin 1900 is gelegd en waar verder aan is gebouwd.

Er is wel degelijk een oorzaak voor uw ziek zijn en uw klachten. Dit betekent dat er ook een oplossing is. Een oplossing die niet simpel te noemen is, maar waarbij je van a tot z een fysiologische verandering gaat bewerkstelligen, zodat de klachten stap voor stap verdwijnen.

Wij kunnen er voor zorgen dat u zich beter gaat voelen…’ vervolgt de stem zijn verhaal.

Je voelt je verward? Beter? Methode? Oorzaak? Wel een oplossing? Wetenschappelijk? Maar de artsen dan, die zeggen toch dat er geen…

‘Hallo?’ hoor je de stem je gedachten onderbreken.

‘Mag ik u wat informatie geven, zodat u het rustig kunt lezen, kijken en informeren?’

In eerste instantie hoor je een kleine stem in jezelf NEE schreeuwen, maar je besluit toch ja te zeggen.

‘Dank je wel!’ hoor je de vriendelijke stem zeggen, terwijl er een kaartje door de brievenbus wordt geschoven.

Je hoort de persoon weglopen, pakt het kaartje en loopt totaal verbaasd terug naar je stoel.
“Stap voor stap van chronisch ziek naar chronisch gezond!” staat er op het kaartje geschreven. Een paar websites staan er ook op.

Heel diep in je hart zou je meteen al meer willen weten en je loopt terug naar de deur.
Je bent net te laat. De persoon is in geen velden of wegen meer te zien.

Ietwat teleurgesteld ga je weer naar binnen. Je zoekt de websites op. Er is veel te zien en je leest dat er veel mensen zijn die klachten hebben overwonnen. Klachten die je zelf ook hebt: angsten, astma, depressie, chronisch moe enzovoort.

Zou het echt zo zijn dat ik mijn energie terug krijg en van mijn klachten af kom? denk je vertwijfeld.

Je bekijkt een filmpje waarin over deze specifieke methode wordt verteld. En laat het allemaal even bezinken.

Een tijdje later denk je er weer aan en het blijft spoken. Stel je voor dat het wel werkt!
Ik heb al zoveel geld en tijd gestoken in het beter worden en het heeft me niks opgeleverd! Stel dat dit het is! Stel dat ik nooit meer moe ben, ademklachten heb, migraine en onverklaarbare pijnen heb!

In gedachten doe je wat je vrienden doen: Je kunt weer uren sporten, je kunt zonder gedoe op vakantie, je kunt weer werken en voor je kinderen zorgen!
Stel je voor dat je energie voor tien hebt!!

Alleen de gedachte daaraan maakt je al blij!

Je loopt naar de deur en opent hem. Je blijft op de drempel staan. De zon schijnt en de natuur is prachtig van kleur! Je kijkt in de verte. Er zwaait iemand naar je.
Zou dat die persoon zijn? denk je. De persoon wenkt je.

Je twijfelt, maar besluit te gaan. Wat maakt het uit? Van informatie vragen word je immers wijzer.

De persoon vertelt je alles wat je wilt weten! En zodra je geen enkele vraag meer hebt ga je weer naar huis.

Je bent opgetogen en nog steeds een beetje sceptisch. Maar het is toch anders, omdat je nu meer weet. Omdat je er stiekemweg van overtuigd bent geraakt dat dit WEL eens voor blijvende verandering zou kunnen zorgen!

Je besluit er voor te gaan! Voor een toekomst zonder chronische klachten. Wat zou jij doen?

Wil jij er meer van weten?

http://www.chronisch-gezondzijn.nl

Of mail me: info@chronisch-gezondzijn.nl

(C)Tini Lubberink, januari 2017

Stap voor stap van chronisch ziek naar chronisch gezond

Hoe je van stress afkomt door te schilderen en goed te ademen

Mensen vragen me regelmatig wat ik doe in mijn methode. Het is voor een aantal mensen moeilijk te bevatten, als ik een ballonnetje opgooi wat betrekking heeft op chronisch gezond zijn. In gedachten en gevoel ben ik vaak vele stappen verder. Daarom haak ik in op dit actuele thema.

Stel je voor dat je kwaad bent, of verdrietig of blij.

Je hebt een groot vel papier of een canvas, diverse kleuren verf of potloden.

Je kiest een aantal kleuren uit die jij bij dit specifieke gevoel vindt passen.

Je ‘gooit’ je stress van je af in de kleur die bij je gevoel past: door verf op je vel te gooien, te krassen of bedenk maar iets. Het maakt niet uit hoe het er uit ziet.

Je gaat net zo lang door tot er een moment komt dat je rustiger wordt en/of rustig bent. Je zult merken dat de kleuren anders worden. Je bewegingen zullen verfijnen en je stress is afgenomen.

Kleuren en creatief bezig zijn werken helend. Als je dit combineert met een optimale ademhaling, dan zal dit je gezondheid zowel mentaal als lichamelijk verbeteren. En dat is wat ik in mijn methode doe.

Ik gebruik verschillende (creatieve) middelen en altijd de klassieke ademhalingsmethode van professor Buteyko, omdat dit de originele versie is met de allerbeste resultaten.

Stel je diezelfde heftige emotie voor. Hoe adem je?

Ik maak nu heel even een stap naar begin vorige eeuw:

Bohr was een wetenschapper. Hij ontdekte dat rode bloedlichaampjes zuurstof vervoeren en dat rode bloedlichaampjes koolzuurgas (CO2) nodig hebben om de zuurstof aan het lichaam (cellen) af te geven.

Professor Buteyko heeft gebaseerd op bovenstaande een klassieke methode ontwikkeld om het zuurstofgehalte in je lichaam te herstellen. Daardoor nemen chronische klachten af en/of zal de kwaliteit van leven verbeteren. 

Hij heeft hiervoor een meetinstrument ontwikkeld: de controle pauze. Is je controle pauze 60 seconden, dan heb je geen chronische klachten!

Wat is jouw controle pauze? Test hem hier:

Heb jij nou zoiets van:

Welk creatieve middel past bij mij? Kun je me er meer over vertellen? Mijn controle pauze is dit, klopt dit? Of wat kan ik er aan doen om de controle pauze hoger te krijgen? Enzovoort.

Mail naar chronischgezondzijn@gmail.com

landschapTini

Of meld je aan voor:

NIEUWSBRIEF:

http://chronisch-gezondzijn.nl/nieuwsbrief

GRATIS CHRONISCH-GEZONDZIJN-CHECK:

http://chronisch-gezondzijn.nl/gratis

INTRODUCTIE-WORKSHOP CHRONISCH-GEZONDZIJNMETHODE: http://chronisch-gezondzijn.nl/introductie

Chronisch-GezondZIJN-methode BASIS:

http://chronisch-gezondzijn.nl/chronisch-gezondzijn-methode-basis

Inkijkexemplaar Kijk eens, zie je?

http://www.freemusketeers.com/Documents/9789048420469_inkijkexemplaar.pdf

De eerste 13 pagina’s van Kijk eens, zie je? Ik durf het niet, maar doe het toch!

 

Aanbieding Uitgever Freemusketeers, klik op onderstaande link!

http://www.freemusketeers.com/kijk-eens-zie-je-ik-durf

Geenzinkoekjes met blijsmaak

Geenzinkoekjes

Twee weken geleden besloot mijn zoon met een vriend naar het zwembad te gaan. Echter, een paar dagen nadat de afspraak was gemaakt komt er een WhatsApp-bericht binnen, die hij direct leest. Ik zie zijn vrolijke humeur veranderen in een pittige donderbui.

‘Niks is meer leuk. Ik had me zo verheugd. Alles gaat altijd mis,’ moppert hij teleurgesteld. Hij gaat niet zwemmen, omdat hij een verjaardag heeft en daar niet aan gedacht heeft,’ vertelt hij.

‘Och dat is jammer. Maar, dan kan het toch een andere keer?’ constateer ik.

‘Nou ik vind het stom en nu is mijn hele weekend verpest. Dit is vanaf nu een geenzinweekend.’

‘O jee! Een geenzinweekend?’ herhaal ik. Nou gezellig, denk ik terwijl ik een manier probeer te vinden om het negatieve om te zetten naar positief. Ik begin op Geenzin te associëren:

‘Geenzinvrijdag. Geenzinzaterdag. Geenzinzondag. Geenzindrinken…’ En ik heb ineens een idee. Hij houdt van koekjes bakken.

‘Jaah! Geenzinkoekjes bakken!’ roep ik. ‘Is het niet leuk om dit nu te gaan doen?’

Ik merk dat er een verandering in zijn gemoedstoestand ontstaat en zie ook een kleine twinkeling in zijn ogen. Ik ga onverstoorbaar verder. ‘Oh en zondag krijgen we geenzineten. Heerlijk, ik verheug me nu al.’

‘Jahaah Mam! Stop maar! Ik ga nu, geenzinkoekjes bakken!’ lacht hij en staat op om te kijken of alle benodigdheden er zijn. Dat is niet zo, dus brengt hij eerst nog een vliegensvlug bezoek aan de supermarkt om de rest op te halen. Vervolgens hoor ik een klein uur lang alleen wat ovenplaatgekletter en gestamp van beneden komen. Hij is duidelijk druk aan de slag. Een klein uur later komt hij boven.

‘Zo de geenzinkoekjes staan in de oven,’ laat hij me enthousiast weten en gaat in de draaistoel naast me zitten.

‘Geenzin,’ zeg ik gekscherend en kijk er quasi-chagrijnig bij. Hij kijkt me aan en bespeurt een miniscule grijns.

‘Maar ik heb ze wel met liefde gemaakt,’ lacht hij.

‘Dat is fijn jongen en ze smaken vast heerlijk’ zeg ik, terwijl ik apetrots op hem ben. De chagrijnigheid die groteske vormen aan had kunnen nemen door de tegenvaller, is helemaal omgeslagen naar een positief gemoed. Het hele geenzinweekend verloopt relaxed en ontspannen.

En de koekjes? Die smaakten verrukkelijk! En waar ik ook niet genoeg van kon krijgen, was de bijzondere mooie ‘b-lijsmaak’.

(c)Tini Lubberink, 11 juni 2013

Mijn bijdrage voor de bundel: Hemels Genot

20130331-204822.jpg

 

Mijn allereerste zwangerschap verliep helaas niet zoals gehoopt, maar toch ben ik blij en opgelucht hoe deze zwangerschap is verlopen. De hoofdpersoon in onderstaand verhaal heet Sarah, het is mijn verhaal zoals het gegaan is….

Licht

Sarah zucht en kijkt door het kamerraam naar buiten. Een roodborstje staat parmantig op tafel. Het stormt. De bladeren vallen bijna horizontaal naar beneden. Ze draait zich om en kijkt naar de zooi om haar heen. Het lijkt alsof tornado Chaos langs is gekomen. De inhoud van de brievenstandaard, volgepropte plastic zakken, enveloppen en reclame van tig maanden geleden, ligt als een vloerkleed verspreid op de grond.

Haar hoofd voelt zwaar en het lijkt alsof er watten in zitten. Ze heeft het koud en probeert haar handen warm te wrijven. Ze is op zoek naar het verhaal, wat ze een tijd geleden over haar allereerste zwangerschap heeft geschreven. Waar is het toch, vraagt ze zich af.

Maar het enige wat ze op dit moment zeker weet is, dat het hier ergens ligt…

… Het is begin augustus 1997. Sarah is onderweg naar Brussel, waar ze haar vriend ontmoet. De behoefte om moeder te worden is groter dan ooit. In een min of meer overdachte actie is ze drie weken geleden met de pil gestopt. Ze voelt dat ze een eisprong heeft, wat betekent dat ze zwanger kan worden. Ze kan niet wachten op dat moment. Een kind is meer dan welkom.

Oké, de situatie is niet stabiel. Een Afrikaan, die in België woont. Maar alles, het zou best goed komen, ook al weten ze nog niet hoe.

Na een paar weken voelt Sarah zich anders. Ze heeft geen trek in koffie, wordt misselijk van kaas en de geur van de bakkerszaak. Iets waar ze normaal verzot op is. Bloednerveus koopt ze de volgende dag een zwangerschapstest bij een drogist ver buiten haar dorp.

Als ze de volgende ochtend op de uitslag wacht, ziet ze al snel een streepje tevoorschijn komen.

Ze is zwanger! Haar lichaam vult zich met blijdschap. Ze wil het de hele wereld vertellen en doet dat ook. Het gevoel dat er een klein mensje in haar groeit, is onvoorstelbaar groots. Ze voelt zich geweldig.

Na ruim drie maanden krijgt ze haar eerste echo. Ze heeft haar moeder meegenomen en is gespannen. Als ze op de bank ligt, ontbloot ze haar buik. Een waarschuwing voor de koude gel volgt. Het onderzoek begint. Sarah ziet een gezicht met een klein wipneusje. Met daarnaast een hand en een hartje, dat dapper klopt en precies het goeie ritme heeft. Het ziet er perfect uit.

Tot het akelig stil wordt.

Zou er iets mis zijn?

De gynaecoloog komt erbij. Sarah is bang en knijpt in haar moeders onderarm. Meteen leggen ze uit wat er aan de hand is: Alle organen die in de buikholte horen te zitten, hangen er buiten!

Sarah voelt het bloed uit haar hoofd trekken. Ze kijkt wel, maar hoort alles vanuit een diep gat aan.

Mijn kind is behept met een groot probleem, denkt ze geschrokken. Het liefst zou ze gillend weg willen rennen.

Op dat moment worden de onderzoeken overgedragen aan het Universitair ziekenhuis. Sarahs blijdschap is omgeslagen in verdriet, angst en een sprankje hoop. Als na diverse onderzoeken, gesprekken en mogelijkheden, ook het onvermijdelijke onderwerp afbreken van de zwangerschap aan de orde komt, breekt haar het zweet uit. Wie ben ik om dit af te breken? denkt ze. Haar gevoel dat de natuur zijn werk moet gaan doen, wordt iedere dag sterker en op een bepaald moment is dit dan ook haar besluit.

Inmiddels is het kerstavond. Ze stapt in de auto en voelt het eerste kleine schopje onderin haar buik.

Wow, goed zo kanjer! denkt ze blij.

Als ze op vijf januari weer een echo heeft, bekruipt haar een onbestemd gevoel. Ze weet nog niet, hoe ze dit moet plaatsen. Niet veel later blijkt haar zoon, als klein hoopje, verscholen in een holletje van haar baarmoeder te liggen. Hij heeft het niet gered, de natuur heeft het besluit genomen. Dan is kerstavond is zijn laatste groet geweest, concludeert Sarah, terwijl de tranen over haar wangen biggelen.

Op donderdag negen januari ‘s ochtends om vier uur staat Sarah op. Ze heeft bloed verloren. In plaats van verwachte paniek, voelt ze zich juist heel erg kalm en belt haar ouders. Ze vouwt de was op terwijl ze wacht.

In het ziekenhuis krijgt ze een infuus. Ze voelt de hele dag regelmatige pijntjes en even voor kwart voor één ‘s nachts wordt dit erger. De bevalling zal niet lang meer op zich laten wachten.

Na drie kwartier moet ze persen. Dit is niet tegen te houden en met een plof floept haar zoon, Sam, het bed in. Ik ben moeder geworden van een overleden kind, denkt ze wrang, terwijl de verpleegkundige haar zoon mee neemt. Het hemelse genot, is nu totaal vervangen door tranen… en een lege buik.

Sam wordt opgebaard in mooie, witte doeken. Sarah vindt het moeilijk om naar hem te kijken en durft hem niet aan te raken. Hij is klein en teer, met alles erop en eraan. Van zijn voet en hand worden afdrukjes gemaakt en een periode van intense rouw is aangebroken.

Een flinke tijd later besluit Sarah om erover te schrijven. Ze lijkt op wonderlijke wijze contact met haar zoon te maken en kan bijna niet geloven wat ze terugleest. Is dit niet wat ik zelf denk? vraagt ze zich af.

Het gaat goed met hem. Hij is blij en heeft geen pijn. Ze hoort gelach, muziek en rustige geluiden op de achtergrond. Ze voelt warmte en helder licht in de verte. Het voelt vredig. Ze geniet ervan.

Ik wil naar het licht. Mag het? vraagt Sam op een bepaald moment.

Ga maar kanjer. Ik ben trots op je, antwoordt Sarah, zonder twijfel.

En ik op jou. Ik ben blij dat jij voor mij gezorgd hebt. Ze omhelzen elkaar innig.

Even later zwaaien ze, tot ze elkaar niet meer zien. Dag lieve kanjer!…

… Sarah is stil van de impact die dit verhaal nog steeds heeft. Een traan drupt via haar neusvleugel op de teruggevonden brief. Dank je wel voor deze hemelse ervaring, Sam, fluistert ze zacht.

(c)Tini Lubberink, November 2012

 

Terug naar: www.chronisch-gezondzijn.nl

Artikel Regiokrant Groningen

“Artikel Regiokrant Groningen, februari 2013

door Willy Koolstra

Muzikale verbeeldingskracht werkt helend en verbindend

Tini Lubberink schreef boek over muziektherapie van Nynke Muntendam

Niet iedereen begrijpt als vanzelfsprekend de wereld om hem heen en weet daar de juiste betekenis aan te geven. Mensen met ADHD en autisme hebben problemen met de verwerking van al die dingen die dagelijks op ze af komen. Hierdoor weten ze vaak niet wat ze denken, voelen of willen. Ze hebben geen of onvoldoende verbinding met zichzelf. Door middel van muziek en vooral veel humor en plezier helpt Nynke Muntendam kinderen en volwassenen in contact te komen met hun behoeftes. Tini Lubberink schreef er een boek over: ‘Er zit MUZIEK in! Over de meerwaarde van Creatieve Begeleiding bij o.a. Autisme en ADHD

Tini Is zelf moeder van een zoon met autisme. Ze heeft een groot inlevingsvermogen en kan zich goed in hem verplaatsen. “Vaak kunnen mensen zich niet precies voorstellen hoe het is om met een autismebril op de wereld te ervaren. Ik ben zijn moeder, ik kan met hem lezen en schrijven. Ik help hem zijn gevoelens duidelijk te krijgen en te kijken wat er in de wereld om hem heen gebeurt”, zegt ze. Om in contact met haar zoon te komen heeft ze onder andere veel met hem geschilderd. Later zocht ze een aanvullende behandeling voor hem op creatief gebied. Via internet kwam ze bij de praktijk van Nynke Muntendam ‘MuziekDoen’. In het boek ‘Er zit MUZIEK in!’ trekt de vrouwelijke hoofdpersoon, eveneens op zoek naar een goede behandeling voor haar zoon, een dag met Nynke op.

Slapende sprinkhaan

“Mijn methode is als een rivier, ik maak mensen bewust van de stroom van hun eigen bewustzijn.” Met deze opmerking citeert Tini aan het begin van haar verhaal een uitspraak van de muziektherapeute. Nynke vindt dat er aan de begeleiding van mensen met autisme en ADHD het nodige schort. “Ik help ze weer baas te zijn over hun eigen leven en dat ze weer in verbinding komen met zichzelf. Ik ken kinderen die binnenkomen met een ernstige vorm van autisme waarvan de behandelaars denken dat ze verstandelijk gehandicapt zijn, maar later gaan ze naar de HAVO.” Enthousiast en gedreven vertelt ze over haar werk. Het is de universele taal van de muziek waarmee ze kinderen en volwassenen helpt in contact te komen met zichzelf en de wereld om hen heen. Kinderen spelen bij haar op de piano bijvoorbeeld een dansende sprinkhaan. Dan vraagt Nynke: ‘En nu gaat die sprinkhaan slapen, hoe klinkt dat?’ Dan wordt de muziek heel zacht. Slapen en dansen zijn heel verschillend van elkaar en hebben dus niet dezelfde klank en niet dezelfde melodie. De muziek heeft betekenis gekregen in de ervaring van het hier en nu. Zo leert Nynke stap voor stap de kinderen de wereld om hen heen begrijpelijk te maken. “Je kunt pas dingen veranderen wanneer ze betekenis voor je hebben”, zegt ze. “Doordat Nynke allerlei verbindingen legt tussen het kind en de wereld om hem heen worden veel dingen duidelijk en komt er rust. Dan is er minder angst en boosheid, omdat die wereld begrijpelijker is geworden”, aldus de schrijfster van het boek. Ze vertelt dat haar eigen zoon door de muziektherapie een stuk zelfstandiger is geworden.

Meer tijd nodig

Mensen met autisme hebben veel moeite met het leggen van contact. “Wanneer je verbonden bent met jezelf, kun je je ook makkelijker met anderen verbinden,” zegt Nynke. Het gaat bij haar niet om de bestrijding van een symptoom. Ze wil achterhalen wat de reden is van iemands gedrag. Nynke herinnert zich een jongen die zichzelf tekende als enkel hersenen met een bril. Die jongen had dus geen contact met zijn gevoel. “Je kunt niet weten wat je voelt, je kunt alleen voelen wat je voelt, alleen dan heb je verbinding met jezelf en kun je soepel en flexibel zijn in de omgang met anderen”, zegt ze. Mensen met autisme hebben vaak meer tijd en aandacht nodig om die dingen te leren die voor anderen vanzelfsprekend zijn, maar veel dingen kunnen ze zeker leren. “Mijn focus ligt er op dat ik veranderingsprocessen kan bewerkstelligen. Muziek verandert je hersenen, het legt fysieke verbindingen aan net zoals bij sport en bewegen, ik ontken dat het bij deze problemen om een statisch gebeuren gaat.”

Methode Nynke

Zo nu en dan maakt Nynke gebruik van beeldende middelen zoals schilderen of werkt ze met poppen. “Daarmee pak ik soms een ander aspect van iemand aan waar ik met muziek niet bij kan.” Haar manier van werken is uniek. “Ik heb alleen maar de methode Nynke”, zegt ze, “dat is de enige methode die ik heb. De cliënt bepaalt wat ik ga doen en ontdekt zijn behoefte. Wat wil hij? Waar heeft hij zin in? Dan komt vanzelf naar voren waar hij tegenaan loopt.”

Nynke’s manier van werken komt duidelijk in het boek naar voren. Tini en Nynke ontmoetten elkaar vier jaar geleden. “Ik wil een boek over mijn werkwijze schrijven, maar ben geen schrijver”’ vertelde ze. Tini wilde haar er wel bij helpen, maar schreef het uiteindelijk helemaal zelf. Beide vrouwen voerden vele gesprekken met elkaar en ook volgde de schrijfster één van de workshops om zo aan den lijve te ondervinden wat muziektherapie met je kan doen. Haar schrijfstijl is makkelijk leesbaar en heeft kenmerken van een dagboek. Ze heeft ook zelf de omslag ontworpen, een meisje dat een zwierige radslag maakt over een slingerende notenbalk.

door Willy Koolstra”

Geciteerd door Tini Lubberink

Uit de oude -TAART- doos

TAART

1986

Het is vrijdagochtend elf uur. Ik loop stage in het Schienvat, een buurthuis, in het Drentse dorp Erica. Ik zit onder andere in de organisatie van het jeugdtoneel en verricht op dit moment hand – en spandiensten. Ik moet een paar boodschappen halen. Met mijn autosleutels en portemonnee in de hand, loop via een kleine vierkante gang de deur uit naar mijn auto. Ik doe mijn kraag omhoog. De wind joelt om het gebouw, het is snerpend koud.

Ik rijd weg en even later parkeer ik de auto aan het verlengde van het parkeerplein bij de supermarkt. Ik bezoek de melkboer en de bakker om ook brood, koek en de taart te kopen. Met volgepakte armen loop ik terug naar de auto. Het brood en de taart leg ik heel even op het dak, zodat ik de deur kan openen. Vervolgens leg ik snel alles in de auto en stap zelf ook in. Ik start de auto en rijd achteruit de doorgaande weg op en rijd weg. En nadat twee bochten naar rechts ben gereden, realiseer ik me ineens, dat ik mijn gekochte taart nergens zie!

O nee, denk ik. Ik rem en draai het raampje open. Er vliegt geen taart mijn motorkap op. Zou het er nog op staan? Ik steek mijn arm naar buiten en voel wel het koude dak, maar geen doos en stap zelfs nog uit om te kijken. Belachelijk natuurlijk, want ik kan wel op mijn gele boerenklompen aanvoelen, dat dit ding er allang afgevlogen is. Ik moet vreselijk lachen en heb een beeld voor me van mijn knalgele auto, die de bocht om scheurt, waarbij de taart met een mooie boog te pletter valt op straat.

Ik rijd zo snel mogelijk terug en ja hoor, daar bij mijn eerst genomen bocht, staat een oude opa, met hele kromme bananenrug, mijn taart onder zijn snelbinders te doen. Ik toeter. Hij hoort niks. Ik rijd door, rem vlakbij hem en stap uit. De man kijkt op. Ik probeer mijn lach onder controle te houden en zeg: ‘Die taart is net van het autodak afgevallen, meneer.”

De man kijkt me aan: ‘Ach wicht, is die taart van joe? Nou dan kriej’ ‘m weer.’ Hij haalt de doos van zijn bagagedrager en geeft het terug.  ‘Ja,’ zegt hij in zijn beste nederlands, ‘aj niet komen was, dan had ik het mooi met naor huus neumen.’

Ik bedank de man vriendelijk en loop terug naar de auto. Zodra ik zit en de deur dicht heb, bekijk ik het hoe het eruit ziet. Ik had verwacht dat het één grote chaos zou zijn, dit is niet het geval. Alleen alle slagroom zit wel aan de deksel. Het is totaal ontoonbaar en zeker niet geschikt om uit te delen. Dit kost me vast een nieuwe taart, denk ik. Ik start de auto en ga terug naar de bakker. Dit keer zet ik de auto vlak voor de deur en besluit taartloos de winkel in te gaan.

Nadat een klant voor mij de deur achter zich dicht heeft getrokken, ben ik aan de beurt. Ik lach, de bakkersvrouw lacht ook. ‘Zo jij bent snel terug?’

‘Ja, inderdaad,’ lach ik, ‘ik heb net een taart gekocht, maar… ik heb hem op het dak laten staan .’

‘O jee,’ lacht de vrouw, ‘dat gebeurt vaker en waar is het nu?’

‘In de auto,’ antwoord ik.

‘Haal het maar even, dan kijk ik of we er iets aan kunnen doen.’

Snel loop ik naar de auto om het te halen. Als ik even later terug ben, pakt de vrouw het van me aan. Ze tilt het deksel op en kijkt. ‘Nou gelukkig is de cake nog intact. Ik zal het opnieuw op laten spuiten. Heb je een momentje?’

‘Ja natuurlijk,’ zeg ik en terwijl ik wacht kijk ik verlekkerd de winkel rond, de bonbons, koek en petit fours lachen me vriendelijk toe. Het ruikt hier naar versgebakken koekjes. Maar ik laat me niet verleiden om iets te kopen. Na een kleine vier minuten komt de bakkersvrouw er weer aan en laat me de herstelde taart zien. Het ziet er prachtig uit.

‘O mooi zeg,’ complimenteer ik haar. ‘Wat kost het?’

‘O niks, dit is service van de zaak!’

‘O dat is geweldig, heel erg bedankt!’ Ik pak het aan en loop lachend de winkel uit. Wat een heerlijke verhaal blijft dit, zelfs na al die jaren.

(c)Tini Lubberink, 9 februari 2013

Onzichtbare helper of klikspaan?

Stille getuige van pesterijen

durft niets te zeggen

omdat hij bang is

dat ze hem ook pakken en om gaan leggen

Voor de zoveelste keer

rent het slachtoffer

voor zijn leven

en dat al sinds groep zeven.

Hij wordt achterna gezeten,

geduwd, getreiterd

en nog veel meer

En dit niet éénmalig, maar keer op keer.

Een dilemma maakt zich

van stille getuige meester:

Als ik het tegen een docent zeg,

ben ik dan een klikspaan?

En kan ik daarna nog wél rustig

de straat of het plein op gaan?

Hij twijfelt, denkt en na rijp beraad

besluit hij niks hardop zeggen

maar wél

zijn ongerustheid per sms

aan een docent voor te leggen.

(c)Tini Lubberink, januari 2013

Gespierde spijker met deurknop-neus

Lopend in de supermarkt, met teveel boodschappen in mijn mandje, passeert een andere klant mij. Vanuit mijn ooghoek denk ik iets bijzonders te zien en draai me om. En wat ik al vermoedde klopt.

Ik zie een jong, erg lang aardig ventje van hooguit een jaar of dertien, met een veel te wijde trainingsbroek, zwarte jas en gympen bij de voorverpakte groente staan. Het lijkt alsof hij een enorme groeispurt heeft gehad en is een heus voorbeeld van een gespierde spijker, maar dan eentje met een neus.

Een bijzonder exemplaar, zo’n neus, die je mijns inziens het liefst in zou willen ruilen, mocht dat mogelijk zijn. De vorm doet me denken aan een deurknop. In gedachten knijp ik er in en probeer ik me voor te stellen hoe het voelt. Ik kan het bijna niet geloven, broodmager en dan zo’n neus!

Naast de deurknop doet het me ook denken aan een foto van een vrouw met Botox-neus, die op Facebook-advertenties voorbij komt. Ik moet oppassen dat ik niet gebiologeerd naar hem blijf kijken en ga verder met het verzamelen van mijn boodschappen.

Ik benijd hem absoluut niet en hoop dat hij er niet mee gepest wordt, denk ik, terwijl ik in de rij voor de kassa sta. Even later legt hij zijn boodschappen op de band, in de rij naast mij en nog heel even werp ik een klein blikje, op dit bijzondere ventje.

(c)Tini Lubberink, januari 2013

Boek: Hemels genot!

Ik heb meegedaan aan een schrijfwedstrijd georganiseerd door Schrijfatelier Alicia. Het thema was Hemels genot.

In de jury zat onder andere de bekende auteur Lulu Wang.

Winnende verhalen worden gebundeld in het boek Hemels genot. Uit de meer dan 200 inzendingen, wordt ook mijn verhaal in dit boek gepubliceerd! Uiteraard ben ik ontzettend trots!

Benieuwd welk verhaal ik geschreven heb? Dat kunt u lezen in het boek. Oké, een klein tipje van de sluier: Titel: Licht en het is autobiografisch.

Klik op bijgevoegde link voor meer informatie en om het boek te bestellen!

https://sites.google.com/site/artikeladvies/schrijfwedstrijdhemelsgenot

Koekjes? Ik lust er pap van!

Het is zondagmiddag. Ik loop heen en weer van de keuken, naar mijn werkkamer boven. Ik start mijn laptop op, want mijn werk ligt op me te wachten. Ik loop weer naar beneden en zet koffie. Ik word geroepen door speculaasjes, die ik meteen pak en openmaak. Snel neem ik één van de twee apart verpakte stapel koekjes eruit en stop dit vervolgens snel onder mijn trui. Ik loop de trap op, schiet mijn kamer in en stop de koekjes in de van tevoren geopende la en sluit het snel. Ondertussen knijp ik in een als vuilniszak dienende witte plastic zak samen. Om het krakende geluid van de in plastic verpakte koekjes te dempen. Voor wie eigenlijk? Er is immers niemand in deze kamer. Ik schiet in de lach, maar laat het er toch in zitten. Je weet immers nooit of er onverwacht iemand mijn kamer binnenstormt. Mijn zoon zit namelijk slechts twee deuren en zes en halve meter bij me vandaan. Snel loop ik naar beneden om de koffie te halen en ga weer naar boven. Ik heb zin om te schrijven. Het is al weer een paar dagen geleden, dat ik mijn dagelijkse shot schrijfinspiratie aan het papier heb toevertrouwd.

Net als ik mijn kamer in wil gaan, gaat de deur van mijn zoons kamer open. Ik schrik, mijn hart slaat net niet over. Maar op één of andere manier, voel ik me betrapt en verschiet ik van kleur.

‘Schrok je?’ zegt hij met een grijns op zijn gezicht.

‘Ja, ik schrok.’

‘Waarom?’

‘Ehm ja, waarom eigenlijk,’ zeg ik, ‘geen idee, jongen. Wil je wat vertellen?’

‘Nee, maar ik hoorde je ze vaak heen en weer lopen. Heb je wat lekkers gepakt?’

Ik voel dat ik roder word en kijk naar m’n handen.

‘Ik heb koffie. Wil je ook?’

‘Jakkes, nee! Heb je niks anders?’

‘Helaas niet,’ zeg ik, ‘maar je mag beneden gerust een koekje halen?’

‘Oké,’ en hij rent de trap af.

Oh alleen koffie? Liegbeest, zegt mijn innerlijke stem, zodra hij weg loopt. Ik vlucht naar mijn kamer, haal opgelucht adem en schenk koffie in. Mijn rode hoofd is hem blijkbaar niet opgevallen. Logisch, want dat fenomeen heb ik wel twintig keer per dag. Ik hang achterover in mijn draaistoel en wacht.

Eigenlijk zou ik meteen koekjes willen verorberen, maar ik wacht heel even tot ik mijn zoon weer achter zijn computer hoor typen. Wel open ik de la alvast een klein stukje, en ver genoeg om er met mijn hand in te kunnen. Ik zoek de ingang en draai het pak met de opening naar voren.

Met mijn oor die zogenaamd op de overloop ligt, om mogelijk ‘onheil’ aan te horen komen, glijd ik even later met mijn vingers in de verpakking en trek er voorzichtig een stuk of zes koekjes uit.

Het voelt als vroeger, toen ik stiekem bij de koekjestrommel van mijn moeder zat. En die keer dat ik zo vreselijk schrok toen ze onverwacht thuis kwam, dat ik van schrik een afgekloven koekje heb terug gestopt. Waarbij mijn boze moeder ons de volgende dag confronteerde met de vraag wie er bij de koekjestrommel heeft gezeten. Ze had de trommel namelijk nietsvermoedend voor de neus van het koffiebezoek gehouden en mijn half opgegeten koekje zien liggen… Gelukkig is dat nu niet aan de orde.

Ik kijk naar de koekjes die ik vasthoud. Ze zien er al jaren hetzelfde uit. Zouden ze nog steeds hetzelfde smaken? Ik ruik eraan, een mix van speculaas-en andere koekkruiden, dringen mijn neus binnen en nemen er langzaam, en geheel gewenst, bezit van. Ze vervolgen de route via de neusholte naar de smaakpapillen in mijn mond. En dít is ook mijn speekselklieren niet ontgaan, spontaan spuit elk kliertje een miniscuul golfje spuug mijn mondholte in.

Ik pak een koekje op en houdt het voor me. Het ruikt onweerstaanbaar. Ik weet dat ze normaliter niets zeggen, maar ik hoor ze allemaal heel even en keurig met twee woorden, tegen me praten: neem mij, nee mij en mij ook. Ik open mijn mond en bijt het allereerste stukje eraf. Oh wat goddelijk!

Het knapperige geluid klinkt me als muziek in de oren, de zachte, zoete smaak, laten mijn mond er langzaam uitzien als één grote koek. Vijf-en twintig koekjes heb ik vakkundig, als een volleerd koekkiesmonster, opgegeten en ben ik eindelijk zover dat ik in kan loggen.

Ik zucht en hang achterover in mijn stoel. Het begint inmiddels aardig donker te worden. De koffie staat onaangeroerd naast me, ik neem een grote slok en spuug het meteen terug. Bah, het is ijskoud! Ik grijp nogmaals in de la, maar voel slechts een paar kruimels en trek het zakje eruit. Ik verkreukel het en stop het diep onderin mijn afvalzak. Ik voel me doodmoe en begin te balen, dat ik de hele inhoud heb opgevreten. Ik heb voor de zoveelste keer spijt. Deze spijt is een gegronde reden om het andere pak ook op te eten. Maar… doe het niet!

(c)Tini Lubberink, 12-2012

G-Valletje

Het is vroeg en nog donker buiten

een enkele vogel fluit

Net zoals elke week wordt

de vuilnis vandaag gehaald

ik trek de container van z’n plaats

kantel het 45 graden en loop weg

Plotseling zit mijn voet muurvast

verlies mijn evenwicht

in een fractie van een seconde

zie ik de modder, de straat

en een stoeprand dichtbij komen

en dan lig ik…

Overigens niet alleen…

Ook de container verliest zijn balans

en gooit van schrik

alle afval eruit

Ik voel mijn pijnlijke knie

en kijk om me heen

Zou iemand het gezien hebben?

Dat kan bijna niet, stel ik mezelf gerust

Ik krabbel omhoog, raap de container

en de eruit gevallen troep op

breng het weg en loop terug

Na een check is mijn knie

geschaafd, dik en blauw

Ach ja…

Ik heb niks gebroken

maar wel kneuzingen

én

de inhoud van de huisvuilcontainer

van heel dichtbij geroken!

Heb een fijne dag!

(c)Tini Lubberink 19-12-2012

Droom

Ik begeef mij

in het hotel

de klok staat stil

zodra je weggaat

Ik ben moe

Vertel me wat ik moet doen

ik begrijp niet meer

hoe ik het gedaan heb

Ik ben op zoek

naar mijn schim

in de mist

Vandaag is alles anders

het is grijs om me heen

Ik voel me rot

kan wel janken

maar doe het niet

Gek genoeg

hoor ik je mijn naam roepen

Je stem klinkt als een vink

en draai me om

Ik kijk en zie

stralend licht van de wekker

en word langzaam wakker

van deze merkwaardige droom.

(c)Tini Lubberink, november 2012

Grappig

Grappig
is het niet altijd
mijn fout geschreven achternaam

Vanochtend om zes uur
ontwaakte ik vanuit deze korte droom:
Ik had een brief van de gemeente ontvangen

Ofschoon ik de inhoud niet heb gelezen
schoot ik bij deze variant wél in de lach
en roept het de associatie op van een deurbel of song

Geen Lubering, Slubbering of Blubberink, maar LubberDING-DONG heb een fijne dag!

(C)Tini Lubberink 25-11-12

Reacties en Recensies: Kijk eens, zie je?…

Reacties en Recensies Kijk eens, zie je? Ik durf het niet, maar doe het toch!

Kijk eens, zie je? Ik durf het niet, maar doe het toch!

Lennard is een jongen van negen jaar en hij heeft MCDD; een vorm van autisme. Hij is bijna altijd bang en wordt gepest op school. Niet alleen door kinderen uit zijn klas, maar ook door een invaljuf, die ervoor zorgt dat hij de klas uitvlucht. Waar is Lennard?
Samen met zijn moeder en juf probeert Lennard de wereld om hem heen te begrijpen. Hij heeft een verhaal over zichzelf en MCDD geschreven. Maar durft hij dit voor te lezen? Of deelt hij het boekje alleen uit? Snappen ze hem dan ook beter?Dit boek is geschikt voor iedereen vanaf acht jaar.

REACTIES en RECENSIES
Boekbesprekingen Engagement met AUTISME
Uitgave van de Nederlandse Vereniging voor Autisme
December 2011
redactie: Paul Arts en Bernadette Baken
Kijk eens, zie je? Ik durf het niet, maar doe het toch!
Tini Lubberink
Free Musketeers € 16,95
Bij wijze van uitzondering hebben wij dit kinderboek eens door moeder en dochter laten beoordelen. En dit is wat zij ervan vonden:
Bianca, moeder van Sanne:
Het is echt een boek voor kinderen, dat in begrijpelijke taal is geschreven. Als ik als moeder het boek lees, zie ik van ieder kind er wel wat van terug en dan moet ik ook wel een beetje lachen. Het boek heeft korte, duidelijke hoofdstukken. Je zou ze eventueel ook willekeurig kunnen lezen en dat is fijn om voor kinderen herkenning te vinden. De tips en uitleg over McDD zijn heel duidelijk en begrijpelijk voor zowel ouder als kind. Het is echt een boek dat op alle scholen beschikbaar moet zijn, zodat medeleerlingen het kunnen lezen en het zo beter gaan begrijpen.
Het is fijn om weer een boek over McDD te kunnen lezen en het heeft voor scholen een meerwaarde. Zelf ben ik erg blij dat dit boek er is en ik zal het veel mensen laten lezen.
Sanne, 12 jaar McDD:
Sanne vindt het een grappig boekje en op de vraag waarom het grappig is, antwoordt ze mij: “Ik heb ook zulke dingen gedaan. Of niet mama?”. Het boek geeft haar veel herkenning. Ze wil het boekje graag mee naar school nemen. Ze gaat een spreekbeurt houden over MCDD en als de kinderen het dan nog niet snappen, kunnen ze het boek lezen.
Leest als een tierelier.. hoop dat het geschikt is voor psycho-educatie aan mijn jonge clientjes….. las voor uit boek* Kijk eens,zie je? Over autisme aan clientje. Herkenning en opwinding #mcdd#pddnos #gebruikditboek! Eerste in zn soort!
Heldere uitleg over mcdd: Lees boek: Kijk eens, zie je? Ik durf het niet, maar doe het toch! Is nu verkrijgbaar! #ass Zorgverlener via Twitter
****Ik heb zojuist je boek uitgelezen.
Ik vind dat je het erg mooi geschreven hebt!
Het geeft op een voor iedereen te begrijpen manier de angsten, eenzaamheid en het onbegrip van de buitenwereld goed weer.
Maar vooral geeft het boek ook goed aan hoe fijn en belangrijk het is dat je kind iemand naast zich heeft staan die hem wel begrijpt,alle liefde, geduld en veel steun geeft en hem door de voor hem zo moeilijke en beangstigende wereld heen loodsd en hem op die manier een groot stuk zelfstandigheid aanleerd!Door: een moeder van een meisje met MCDD

 

****Ik ben erg onder de indruk van de manier waarop je geschreven hebt, voor kinderen en volwassenen volgens mij een hele goede en begrijpelijke weergave van wat er in het “hoofd en lijf” gebeurd van “Lennard”. Hier kunnen veel mensen iets aan hebben om het allemaal beter te begrijpen, echt mijn welgemeende complimenten. Door: docent SVO

 

****..”Wat een geweldig boek. Ik begrijp mezelf nu beter en het is voor het eerst dat ik iemand leer kennen die precies als mij is. Ik voel me al minder eenzaam, maar zou het liefst vrienden met Lennard willen worden!”

Turks meisje, 13 jaar met pddnos / mcdd
****Complimenten voor je boek. Het is duidelijk en het lijkt net alsof je in het hoofd van Lennard kunt kijken. Het is gemakkelijk geschreven en McDD wordt duidelijk uitgelegd. Een aanrader ! Door: een docent Speciaal onderwijs
****….uit het boek voorgelezen op de nationale voorleesdag (aan kinderen van groep 7). De groep was muisstil tijdens het voorlezen, ze bevestigden dat ze herkenden wat er in het boek gebeurde maar wilden er op dat moment niet over praten. Inmiddels is mn collega het boek aan het voorlezen en ze merkt dat het een heel goed boek is om voor te lezen…
Door: Maatschappelijk werkster Speciaal onderwijs
****Wat een duidelijk en herkenbaar boek. Het lijkt alsof je zo in het hoofd van Lennard kunt kijken. Door de samenvatting op de achterzijde lijkt het over McDD te gaan, maar ook voor kinderen met andere stoornissen is het geschikt, omdat er veel overeenkomsten in beschreven zijn. Top! Door: Zorgverlener van kinderen met diverse autistische stoornissen
Dit boek is verkrijgbaar bij de boekwinkel, uitgever en auteur!
%d bloggers liken dit: